From the Blog

Beslissing 255: Waterschade en conformiteit horloge

1.    Onderwerp van het geschil

1.1. Consument heeft op 7 juni 2025 in de webwinkel van Ondernemer een horloge besteld voor een bedrag van € 4.299,95.

1.2. Op 26 augustus 2025 is er via WhatsApp contact tussen partijen geweest. Consument gaf aan dat er vocht in het horloge was gevormd na het zwemmen.

1.3. Ondernemer heeft diezelfde dag aan Consument medegedeeld dat waterschade niet onder de garantie valt, nu waterdichtheid niet wordt gegarandeerd bij gebruikte horloges en onder meer afhankelijk is van gebruikershandelingen. Wel bood Ondernemer aan om het horloge tegen kostprijs te herstellen.

1.4. Op 27 augustus 2025 vindt er opnieuw contact plaats tussen partijen en deelt Consument mee dat een officiële Panerai-dealer het horloge had geopend en dat daarbij zou zijn vastgesteld dat het achterdeksel niet goed was vastgedraaid. Volgens Consument is het zeer waarschijnlijk dat het zeewater hierdoor het horloge is binnengedrongen. Consument heeft daarbij aangegeven dat een volledige servicebeurt bij Fabrikant voor de hand ligt.

1.5. In de daaropvolgende communicatie heeft Ondernemer aangegeven dat er geen recente waterdichtheidstest is uitgevoerd en dat hij de door Consument gestelde oorzaak niet kan verifiëren zonder objectieve onderbouwing. Ondernemer heeft Consument aangeboden het horloge retour te sturen om het te onderzoeken en zo mogelijk te herstellen.

1.6. Er is vervolgens een geschil ontstaan over de conformiteit van het horloge.

 

1.7. Het geschil is op 25 november 2025 door Stichting DigiDispuut in behandeling genomen.

2.    Standpunt van de consument

2.1. Consument vordert een vergoeding voor het laten herstellen van het horloge door de originele fabrikant, op basis van non-conformiteit (art. 7:17 BW) groot € 600,-.

2.2. Consument stelt dat het horloge niet aan de overeenkomst beantwoordt. Hij voert aan dat hij bij de aankoop van een horloge met een opgegeven waterbestendigheid van 300 meter redelijkerwijs mocht verwachten dat hij hiermee kon zwemmen. Dat reeds bij beperkt contact met water vocht in het horloge is ontstaan, wijst volgens Consument op een gebrek.

2.3. Consument stelt dat bij inspectie door een officiële horlogedealer is gebleken dat de achterzijde van het horloge niet goed was afgesloten. Hierdoor zou het horloge bij aflevering onvoldoende zijn gemonteerd en reeds een verborgen gebrek hebben gehad. Volgens Consument is dit geen kwestie van garantie of slijtage, maar van non-conformiteit bij levering.

3.    Standpunt van de ondernemer

3.1. Ondernemer voert gemotiveerd verweer en betwist dat sprake is van non-conformiteit. Het horloge is volgens Ondernemer bij levering zowel optisch als technisch in goede staat afgeleverd en was vrij van vocht. Consument heeft het horloge na ontvangst behouden en zich aanvankelijk tevreden getoond.

3.2. Ondernemer voert aan dat het horloge een gebruikt exemplaar betreft uit 2016 en dat waterdichtheid bij gebruikte horloges expliciet is uitgesloten van garantie. Dit is vermeld in het meegeleverde garantiecertificaat en de algemene voorwaarden, die Consument bij aankoop heeft geaccepteerd. Zonder recente waterdichtheidstest door de fabrikant kan volgens Ondernemer niet worden aangenomen dat het horloge geschikt was om mee te zwemmen.

3.3. Ten aanzien van de door Consument gestelde bevindingen van de horlogedealer stelt Ondernemer dat deze niet met objectieve stukken zijn onderbouwd. Er is geen werkbon, rapport of schriftelijke verklaring overgelegd waaruit blijkt dat het achterdeksel bij levering onjuist was gemonteerd. Ondernemer betwist bovendien dat hij zelf werkzaamheden aan het achterdeksel heeft verricht.

3.4. Ondernemer stelt dat hij zich vanaf het eerste moment bereid heeft getoond om mee te denken over een oplossing en heeft aangeboden het horloge te laten onderzoeken en herstellen via zijn eigen servicecentra. Dat Consument hier geen gebruik van heeft gemaakt en in plaats daarvan eenzijdig aanspraak maakt op vergoeding of ontbinding, komt volgens Ondernemer voor rekening van Consument.

3.5. Ondernemer geeft daarbij aan dat de eerdere oplossingsrichting, genoemd onder 1.5, zeer waarschijnlijk niet langer het gewenste resultaat op zal leveren, nu het binnenwerk van het horloge inmiddels langere tijd blootgesteld is aan het zeewater dat het horloge is binnengedrongen in augustus 2025. Ondernemer vreest dat het binnenwerk van het horloge inmiddels niet meer te repareren valt en stelt dat, mocht dit ook daadwerkelijk het geval zijn, dit ook voor rekening van Consument moet komen, nu Ondernemer immers tijdig had aangeboden om het horloge te laten onderzoeken en repareren, maar dat Consument hier niet op ingegaan is.

4.  Beoordeling van het geschil

De beoordelaar heeft het volgende overwogen:

 

Conformiteit – redelijke verwachtingen

4.1. De beoordelaar stelt vast dat het geschil ziet op de vraag of het horloge bij aflevering aan de overeenkomst beantwoordde in de zin van artikel 7:17 BW. Daarbij moet worden beoordeeld welke verwachtingen Consument redelijkerwijs mocht hebben bij de aankoop van een gebruikt luxe horloge. Hierbij worden de aard van de zaak en de mededelingen van Ondernemer meegewogen.

4.2. Vast staat dat Consument een luxe horloge heeft aangeschaft in het hogere prijssegment, met een door de fabrikant opgegeven waterbestendigheid van 300 meter. Een dergelijk horloge wordt in het algemeen geassocieerd met geschiktheid voor normaal contact met water, waaronder zwemmen. Dat geldt temeer nu het horloge kort vóór het gebruik is geleverd en er geen sprake was van zichtbare gebreken of waarschuwingen bij aflevering.

4.3. Tegelijkertijd is van belang dat het hier geen nieuw horloge betreft, maar een gebruikt exemplaar uit 2016. Ondernemer heeft onweersproken gesteld dat waterdichtheid bij gebruikte horloges niet wordt gegarandeerd en dat dit expliciet is uitgesloten in de algemene voorwaarden en garantievoorwaarden, welke door Consument bij aankoop zijn aanvaard. Ook is vast komen te staan dat voorafgaand aan het gebruik geen recente waterdichtheidstest heeft plaatsgevonden.

4.4. Gelet hierop mocht Consument niet zonder meer verwachten dat het horloge, ondanks de fabrieksopgave, nog steeds volledig waterdicht was. Van een consument mag in dit geval een zekere mate van voorzichtigheid worden verwacht, zeker nu waterdichtheid bij horloges geen statische eigenschap is en afhankelijk is van slijtage van afdichtingen en onderhoud.

Waterdichtheid en oorzaak van de schade

4.5. Consument stelt dat het horloge niet goed was afgesloten bij levering en dat hierdoor zeewater in het horloge is binnengedrongen. Ondernemer heeft dit betwist en erop gewezen dat niet is aangetoond dat het horloge ondeugdelijk was bij aflevering.

4.6. De stelling van Consument dat het achterdeksel bij levering niet goed was afgesloten, is onvoldoende objectief onderbouwd. De beoordelaar beschikt niet over een schriftelijke verklaring of technisch rapport van de horlogedealer waaruit deze conclusie volgt. De enkele mededeling van Consument, hoe begrijpelijk ook, is onvoldoende om vast te stellen dat sprake was van een montagefout bij aflevering.

4.7. De beoordelaar overweegt verder dat de vraag of de kroon of het achterdeksel al dan niet correct was afgesloten, in dit verband niet doorslaggevend is. Beoordelaar heeft geen reden om aan te nemen dat Consument de kroon niet goed afgesloten had. Indien het horloge daadwerkelijk waterdicht zou zijn geweest, zou het binnendringen van water bij normaal zwemmen niet mogelijk moeten zijn. Omgekeerd geldt dat, indien het horloge niet (meer) waterdicht was, het risico op waterschade inherent is aan het betreden van water, ongeacht of de kroon volledig was gesloten.

4.8. Daarmee komt het zwaartepunt te liggen bij de vraag of Consument er redelijkerwijs van mocht uitgaan dat het horloge nog waterdicht was. Gelet op de leeftijd van het horloge, het ontbreken van een recente waterdichtheidstest en de expliciete uitsluiting van waterdichtheid in de garantievoorwaarden, is de beoordelaar van oordeel dat die verwachting niet gerechtvaardigd was.

 

Conformiteit – gebrek

4.9. De beoordelaar acht het, mede op basis van de stukken en de verklaringen van Ondernemer, niet aannemelijk dat sprake is van een gebrek dat reeds bij levering aanwezig was. Dat het horloge bij eerste gebruik in contact met water schade heeft opgelopen, maakt op zichzelf niet dat het horloge non-conform was, nu waterdichtheid bij gebruikte horloges geen gegarandeerde eigenschap vormt en Consument bij het aangaan van de koopovereenkomst voldoende geïnformeerd was.

 

Conclusie

4.10. De beoordelaar komt tot het oordeel dat het horloge aan de overeenkomst beantwoordde en dat geen sprake is van non-conformiteit in de zin van artikel 7:17 BW. Nu de grondslag voor aansprakelijkheid ontbreekt, is er geen plaats voor vergoeding van reparatiekosten.

5.    Beslissing

5.1. De beoordelaar komt tot de volgende beslissing:

5.2. De vordering van Consument wordt afgewezen.

5.3. Voor een vergoeding van de kosten voor de aanmelding van het geschil bij Stichting DigiDispuut is geen aanleiding.

5.4. Aldus beslist DigiDispuut op dinsdag 23 december 2025.