Beeslissing 245: Wanprestatie bij online aankoop van raambekleding
Onderwerp van het geschil
Op 23 juni 2025 heeft Consument een order voor twee Duo Rolgordijnen geplaatst in de webshop van Handelaar voor een bedrag van in totaal € 546,07. De bestelling is direct betaald. De levering zou twee tot drie weken gaan duren. Na ommekomst van deze periode heeft Consument diverse malen contact gezocht met Handelaar en wel in de periode 11 juli tot en met 29 augustus 2025. Handelaar blijft Consument aanvankelijk verzekeren dat de levering wegens drukte, resp. een probleem met het regelen van transport is vertraagd, maar spoedig zal plaatsvinden. Dat is tot op heden echter niet gebeurd, ook niet na veelvuldig aandringen van Consument. Aangezien Handelaar uiteindelijk überhaupt niet meer reageert op appjes van Consument heeft deze de zaak voor beoordeling aangemeld bij Stichting DigiDispuut.
Standpunt van de Consument
Consument heeft recht op levering van de rolgordijnen. Hij geeft Handelaar diverse keren verzocht de bestelde rolgordijnen te leveren, hetgeen tot op heden niet is gebeurd. Bovendien reageert Handelaar sinds 3 september 2025 helemaal niet meer op zijn vragen. Consument eist ófwel dat Handelaar verplicht wordt om zijn bestelling alsnog te leveren inclusief de toegezegde compensatie van 10%, óf hij wil zijn geld terug en een aanvullende vergoeding omdat hij de gordijnen nu elders voor een hoger bedrag moet gaan bestellen. Tot slot wil Consument de kosten van dit geschil ad € 25,00 vergoed hebben.
Standpunt van de Handelaar
Handelaar heeft in dit geschil inhoudelijk geen verweer gevoerd.
Overwegingen
Bevoegdheid van de geschillencommissie
Tussen Consument en Handelaar is op 23 juni 2025 een consumentenkoopovereenkomst op afstand tot stand gekomen. Het geschil valt daarmee, conform artikel 5 van het procesreglement van geschillenplatform DigiDispuut, onder de beoordelingsbevoegdheid van DigiDispuut.
Handelaar is, dan wel was, ten tijde van het tot stand komen van de koopovereenkomst aangesloten bij het keurmerk van Webwinkelkeur. Het lidmaatschap vereist voorafgaande instemming met beoordeling van gerezen geschillen door DigiDispuut als consumenten dit wensen.
Er is in casu sprake van een consumentenkoop op afstand. Consument heeft aan zijn verbintenissen uit de koopovereenkomst voldaan, terwijl Ondernemer dat niet heeft gedaan. Voor het uitblijven van het voldoen aan de verplichtingen uit de koopovereenkomst zijn door ondernemer geen redenen opgegeven.
De wettelijke termijn voor tijdig leveren in geval van consumentenkoop is 30 dagen (artikel 7:9 lid 4 BW 1))
Bij het sluiten van de koop er is geen exacte leveringsdatum afgesproken, althans dat is niet te lezen op de bestelbevestiging. Blijkbaar is op enig moment een termijn van twee tot drie weken voor levering genoemd door Handelaar. Dat wordt in elk geval niet door Handelaar ontkend in de bij de processtukken ingediende weergave van de Whatsapp conversatie tussen partijen. Voor het intreden van verzuim aan de kant van Handelaar houdt de beoordelaar de wettelijke termijn van 30 dagen na aankoop aan.
Omtrent de status van de bestelling is gedurende de maanden juli en augustus, om precies te zijn vanaf 11 juli 2025 tot en met 9 september 2025, veelvuldig Whatsapp-verkeer geweest tussen partijen, steeds op initiatief van Consument. Dat heeft echter niet geresulteerd in de levering van de bestelde rolgordijnen.
In juridisch opzicht kan het onderhavige geschil geworden gekwalificeerd als een toerekenbare tekortkoming in de nakoming van de uit de overeenkomst voortvloeiende verplichtingen (wanprestatie) aan de zijde van Handelaar (artikel niet geleverd). Indien sprake is van een tekortkoming in de nakoming kan de partij die hiermee geconfronteerd wordt alsnog nakoming, dan wel ontbinding van de overeenkomst eisen. Dat is te vinden in de artikelen 3: 296 BW (nakoming), resp. 6:275 BW (ontbinding). 2)
De mogelijkheid tot ontbinden ontstaat nadat de partij die niet aan zijn verplichtingen uit de overeenkomst heeft voldaan in verzuim is. Verzuim kan op verschillende manieren ontstaan, meestal is het gevolg van een (formele) ingebrekestelling, maar het verzuim kan ook zonder ingebrekestelling ontstaan, namelijk wanneer uit het handelen van de partij die niet aan zijn verplichtingen voldoet blijkt dat aanmanen nutteloos zou zijn. 3)
Gezien het feit dat Handelaar sinds 3 september 2025 niets meer van zich heeft laten horen en ook in dit geschil geen verweer heeft gevoerd, lijkt een veroordeling tot nakoming zinloos te zijn. In het onderhavige geval resteert dan feitelijk ontbinding van de overeenkomst.
Wordt een overeenkomst ontbonden, dan dienen de door partijen gedane prestaties terug te worden gedraaid: de koper stuurt het geleverde terug, de verkoper restitueert het aankoopbedrag. Levering heeft nog niet plaatsgevonden, dat is nou juist het probleem in deze casus, betaling echter wel. Eén en ander betekent dat van Handelaar verwacht mag worden dat hij de koopsom aan Consument restitueert.
Consument eist naast nakoming dan wel ontbinding van de overeenkomst een aanvullende schadevergoeding. In beginsel is dat mogelijk. Vermogensschade, dat wil zeggen schade in de vorm van zaaksbeschadiging, gederfde winst of, zoals hier het geval is, vertragingsschade(rente), komen voor vergoeding in aanmerking. Een vergoeding wegens het feit dat Consument de rolgordijnen nu elders en wellicht duurder moet gaan aanschaffen kwalificeert echter niet als vermogensschade en komt daarom niet voor vergoeding in aanmerking.
De hoogte van de schade die Consument zegt te hebben geleden wordt niet door Consument genoemd, noch wordt deze met cijfers onderbouwd. Formeel dient degene die schadevergoeding eist zowel de schade als de hoogte daarvan te bewijzen. Het is in casu echter vanzelfsprekend dat Consument vertragingsschade (rentederving) heeft geleden. De beoordelaar past daarom ambtshalve de wettelijke rente toe als vergoeding voor de periode dat Consument niet kon beschikken over het door hem betaalde aankoopbedrag. 4)
Beoordeling van het geschil
Er is in casu sprake van een consumentenkoop op afstand. Consument heeft aan zijn verbintenissen uit de koopovereenkomst voldaan, terwijl Handelaar dat niet heeft gedaan. Voor het uitblijven van het voldoen aan de verplichtingen uit de koopovereenkomst zijn door ondernemer geen redenen opgegeven. Er is derhalve sprake van een toerekenbare tekortkoming in de nakoming aan de zijde van Handelaar. Uit diens handelen valt voorts op te maken dat (verder) aanmanen nutteloos zou zijn. Handelaar heeft namelijk al in geen weken op appjes en mailtjes van Consument gereageerd.
Alles overwegend concludeert de beoordelaar dat Consument recht heeft op ontbinding van de overeenkomst en op teruggave van het aankoopbedrag. Consument heeft immers wel aan zijn deel van de overeenkomst voldaan; het betalen van het aankoopbedrag, maar hij heeft hiervoor niet de overeengekomen tegenprestatie van Handelaar ontvangen, te weten levering van de bestelde set rolgordijnen. Het volledige aankoopbedrag dient dan ook door Handelaar aan Consument te worden gerestitueerd.
Consument claimt op grond van de tekortkoming in de nakoming schade te hebben geleden. Hij stelt echter niet hoe hoog deze schade zou zijn, noch levert hij daarvoor bewijs aan. Consument heeft gedurende de periode dat hij tevergeefs wachtte op levering van de rolgordijnen rente gederfd. Hiervoor geldt het wettelijk rentepercentage. Met ingang van 1 januari 2025 bedraagt de wettelijke rente 6% voor niet-handelstransacties. Handelaar is de rente aan Consument verschuldigd voor de periode dat hij in verzuim is, derhalve vanaf 30 dagen na de aankoopdatum tot en met de datum van deze uitspraak.
Beslissing
De beoordelaar komt tot de volgende beslissing:
Het door Consument gevorderde wordt gedeeltelijk toegewezen.
De beoordelaar verklaart de koopovereenkomst tussen Consument en Handelaar voor ontbonden.
Handelaar dient aan Consument het volledige aankoopbedrag, te weten € 546,07 te restitueren.
Voorts dient Handelaar aan Consument een bedrag te vergoeden van € 6,64, zijnde de wettelijke rente over het aankoopbedrag voor de periode 22 juli tot en met 3 oktober 2025.
Handelaar dient tenslotte als de verliezende partij de kosten voor behandeling van dit geschil, groot € 25,00 aan Consument te vergoeden.
Handelaar dient binnen 14 dagen nadat de inhoud van deze beslissing aan hem bekend is gemaakt uitvoering te geven aan de verplichtingen die volgen uit deze bindende beslissing.
Aldus beslist door DigiDispuut op 3 oktober 2025
Noten
1) artikel 7:9 lid 4 BW
Bij een consumentenkoop levert de verkoper de zaken onverwijld en in ieder geval binnen dertig dagen na het sluiten van de overeenkomst af. De partijen kunnen een andere termijn overeenkomen. (…)
2)
Artikel 3:296 BW
- Tenzij uit de wet, uit de aard der verplichting of uit een rechtshandeling anders volgt, wordt hij die jegens een ander verplicht is iets te geven, te doen of na te laten, daartoe door de rechter, op vordering van de gerechtigde, veroordeeld.
Artikel 6:265 BW
- Iedere tekortkoming van een partij in de nakoming van een van haar verbintenissen geeft aan de wederpartij de bevoegdheid om de overeenkomst geheel of gedeeltelijk te ontbinden, tenzij de tekortkoming, gezien haar bijzondere aard of geringe betekenis, deze ontbinding met haar gevolgen niet rechtvaardigt.
2.Voor zover nakoming niet blijvend of tijdelijk onmogelijk is, ontstaat de bevoegdheid tot ontbinding pas, wanneer de schuldenaar in verzuim is.
3) artikel 6:82 BW
- Het verzuim treedt in, wanneer de schuldenaar in gebreke wordt gesteld bij een schriftelijke aanmaning waarbij hem een redelijke termijn voor de nakoming wordt gesteld, en nakoming binnen deze termijn uitblijft.
- Indien de schuldenaar tijdelijk niet kan nakomen of uit zijn houding blijkt dat aanmaning nutteloos zou zijn, kan de ingebrekestelling plaatsvinden door een schriftelijke mededeling waaruit blijkt dat hij voor het uitblijven van de nakoming aansprakelijk wordt gesteld.
4) Berekening van verschuldigde wettelijke rente
Datum waarop de betalingsverplichting is ontstaan: 22 juli 2025, zijnde 30 dagen na 23 juni 2025 [de wettelijke levertermijn van 30 dagen].
Wettelijke rente verschuldigd over de periode 22 juli 2025 tot en met 3 oktober 2025 (datum van deze uitspraak) = 74 dagen
Bedrag waarover wettelijke rente verschuldigd is (de aankoopprijs): € 546,07
Percentage wettelijke rente met ingang van 1 januari 2025 tot heden: 6%
74/365 x 6% x € 546,07 = € 6,64
